Geen producten in uw winkelmandje

Circulaire hub sluit bouw en sloop op elkaar aan

Geplaatst op: 15-10-2019

Ron Frazer (links) en Axel Hendriks (rechts). Foto: Ruud Jonkers

Minder ritten naar de bouwplaats, minder transportkosten, minder uitstoot van CO₂ en stikstof én een snellere bouwtijd. De voordelen van de BouwHub die VolkerWessels al jaren heeft in Utrecht, zijn inmiddels wel aangetoond. Samen met Amsterdam Logistic Cityhub en Beelen Groep is het concern nu ook in Amsterdam gestart met de ontwikkeling van zo’n logistiek knooppunt, dat ook nog eens circulair wordt.

Bouw- en sloopafval krijgen zo weer een nieuwe bestemming. “Als je echt circulair wilt werken in de bouw, moet je de sloop
aansluiten op de bouw. Dat maakt deze samenwerking uniek.

Het is een immens terrein in het Westelijk Havengebied van Amsterdam waar de eerste circulaire BouwHub de komende jaren moet uitgroeien. Nu staan er alleen nog een loods en wat bouwketen op het perceel, dat grenst aan de bestaande vestiging van Beelen aan de Ankerweg. Larendael Investment, eigenaar van de Beelen groep, heeft het gekocht van buurman Lanxess Manufacturing nadat het chemiebedrijf de fabriek in de Amsterdamse haven sloot. Vooralsnog wordt twee van de tien hectare gebruikt. Medio 2021 moet de definitieve behuizing als onderdeel van de Amsterdam Logistic Cityhub operationeel zijn in Amsterdam. Ondertussen zijn VolkerWessels Bouwmaterieel en Beelen alvast op bescheiden schaal gestart met de eerste activiteiten. De ervaring met de eerste BouwHub van VolkerWessels in Utrecht diende als inspiratie voor de plannen in Amsterdam.

Energietransitie
Vanuit die hub coördineert VolkerWessels Bouwmaterieel de logistiek van bouwbedrijven met binnenstedelijke projecten op veelal krappe locaties. Toeleveranciers rijden niet meer naar de bouwplaats, maar leveren hun vracht af zonder te hoeven wachten bij de hub. Op de hub worden al die spullen gebundeld tot werkpakketten voor de dagelijkse werkproductie, die op een slimme en efficiënte manier naar de bouwplaats gaan. Ook de retourstromen vanaf de bouwlocatie verlopen gecoördineerd. Dat scheelt al met al enorm veel bouwverkeer en daarmee overlast voor de omgeving. Op de bouwplaats kan er bovendien sneller en veiliger worden gewerkt, doordat materialen op de juiste plek staan, precies op het moment dat ze nodig zijn in de productie. Bouwvakkers parkeren op het terrein van de hub en worden met pendelbusjes naar hun werklocatie gebracht. Ook dit draagt bij aan de reductie van het verkeer rond de bouwplaatsen.

Fysieke marktplaats
Ron Frazer, directeur VolkerWessels Bouwmaterieel geeft aan dat in Utrecht een aantal jaren geleden al de eerste stap naar circulariteit is gezet. “Ook al noemden we dat destijds niet zo. Een van de retourstromen betrof afvalhout. Mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt maakten hier onder begeleiding van onze partner Level 5 weer meubels van.” Deze meubels vonden in Utrecht hun weg naar nieuwe gebruikers. In Amsterdam gaan ze nu nog verder dan alleen het bieden van logistieke diensten. De BouwHub wordt ook een fysieke marktplaats waar vraag en aanbod bij elkaar komen. Materialen die vrijkomen bij sloop of reststromen uit nieuwbouwprojecten gaan naar het terrein in Amsterdam Noord en
worden na verkoop weer gebruikt in de bouw. De tijd is er rijp voor, menen Ron Frazer en Axel Hendriks, commercieel directeur van Beelen Next (een nieuw bedrijfsonderdeel van Beelen Groep dat zich richt op innovaties). Het direct of na een bewerkingsslag inzetten van gebruikte bouwmaterialen wordt steeds gewoner, zien ze bij Beelen. Hendriks: “Het gaat nu echt kantelen. We krijgen inmiddels boodschappenlijstjes van mensen die hun nek uitsteken en gewoon willen bouwen
met gebruikte materialen. Drie jaar geleden was dat ondenkbaar.” Zo vormt een grote hoeveelheid staal van de gesloopte faculteit Wiskunde en Natuurwetenschappen van de Universiteit Leiden straks de basis voor de constructie van een
nieuw, vijfde bedrijfsverzamelgebouw voor BioPartner Center, een paar honderd meter verderop. Puin krijgt weer een nieuwe functie in de gevel. Hoewel dit soort projecten nu nog zeldzaam zijn, verwacht Hendriks dat er steeds meer zullen volgen, niet meer alleen vanuit een groepje voorlopers. “Nieuwe materialen worden steeds duurder. Dat nieuw bouwmateriaal nu regelmatig goedkoper is dan hout waar je wat spijkers uit moet trekken, is te gek voor woorden. Dat besef zie je nu indalen.
De volgende stap is dat er wat aan wordt gedaan.” Schaarste aan nieuwe bouwmaterialen zal de vraag naar gebruikte materialen alleen maar vergroten, denkt hij.

Experimenteren
Frazer ziet erg veel potentie in Amsterdam en kan dan ook niet wachten om er aan de slag te gaan. “Aan de ene kant ligt er een enorme bouwopgave. Aan de andere kant is het echter een kwestie van tijd dat de stad Amsterdam dicht gaat voor al het bouwverkeer. We zullen als bouwers onze horizon moeten verruimen en onze verantwoordelijkheid moeten nemen om hier slimme oplossingen voor te bedenken.”
“Dat nieuw bouwmateriaal nu regelmatig goedkoper is dan hout waar je wat spijkers uit moet trekken, is te gek voor woorden”.
Hendriks ziet ook de voordelen van een geleidelijke start. Dat geeft de mogelijkheid om tot die tijd kleinschalige experimenten uit te voeren. Zo is begin september gestart met een eigen zagerij vanuit een tweede loods, waar reststromen verwerkt worden. “Geen idee of het gaat werken. Zagen met gebruikt hout is niet iets dat veel zagerijen willen doen. We hebben stad en land afgezocht naar een zagerij om dat samen te doen, maar ze vonden het allemaal te ingewikkeld. Dus we gaan het hier gewoon doen en trekken drie tot zes maanden uit om te experimenteren. We verwachten dat het goed werkt en dat we daarna kunnen opschalen. Mocht het niet werken, dan is dat jammer en gaan we door met een volgend experiment.”

Dat het terrein van de hub in Amsterdam aan drie kanten is omgeven door water is een groot pluspunt. Omdat de stad steeds meer dichtslibt, ligt het voor de hand om goederen en werknemers straks waar mogelijk ook over het water naar de  bouwplaats te brengen in plaats van via de weg.

Materialenpaspoort
De uitdaging zit er volgens Hendriks voor Beelen Next vooral in om te zorgen dat de juiste stromen direct vanaf de bouw- of sloopplaats de BouwHub bereiken. “Direct hergebruik van materialen die van gebouwen komen is natuurlijk mooi en wordt steeds belangrijker, maar dat percentage is nog relatief beperkt.” Een goed logistiek systeem is daarom nodig om dat percentage te verhogen.

Om goed inzicht te krijgen in bruikbare afvalstromen en de mogelijke opbrengsten maakt ingenieursbureau Re Use Materials voor Beelen materialenpaspoorten van gebouwen die gesloopt gaan worden en die kunnen worden opgenomen in de online materialenbibliotheek Madaster. Deze paspoorten zijn minder gedetailleerd dan die voor nieuwbouw. Hendriks: “Daar ligt een belangrijke oplossing. Op het moment dat wij alle materialen in Madaster hebben staan die van de sloop komen
en VolkerWessels precies weet wat ze in hun nieuwe panden gaan stoppen, dan is die koppeling digitaal heel makkelijk te maken.”

Landelijk dekkend netwerk
Kijkt Frazer wat verder in de toekomst dan ziet hij kansen aan de rand van grote steden voor een landelijk dekkend netwerk. “Dit sluit ook aan bij de visie van VolkerWessels. Zo willen wij een bijdrage leveren aan een betere levenskwaliteit. Wij begrijpen als geen ander dat bouwen overlast met zich mee brengt. De vele vrachtwagens, de toeleveranciers, het parkeren rondom de bouwplaatsen. Een aantal grote steden is opgevallen wat wij in Utrecht hebben neergezet en welke positieve impact dit heeft op het bouwverkeer in de binnensteden. Zo zijn we ondertussen in gesprek met deze steden die ook belangstelling hebben voor zo’n logistiek knooppunt.”


Medio 2021 moet de definitieve behuizing van de BouwHub als onderdeel van de Amsterdam
Logistic Cityhub operationeel zijn.

Al deze grote steden kampen in meer of mindere mate met dezelfde problemen. Daarom verwacht Frazer een verdere opmars van de BouwHub, zelfs als er onverhoopt weer een economische crisis ontstaat. “Wie kan er nu tegen zijn om slimmer en efficiënter te kunnen bouwen? Met de nieuwe initiatieven zoals het actief inzetten op social return en circulariteit wordt het concept BouwHub alleen maar completer en beter. Hiermee maken we nu maar ook in de toekomst echt het verschil.”

Opbrengsten BouwHub Utrecht
Eigen onderzoek van VolkerWessels Bouwmaterieel en studies van TNO naar verschillende grote bouwprojecten in Utrecht – waarbij de betrokken bedrijven geheel of gedeeltelijk gebruik maakten van de BouwHub in Utrecht – toonden aan dat er veel winst te behalen valt. Bij het project De Trip werd het aantal ritten teruggebracht met bijna 70 procent. Bij het Noordgebouw ging het zelfs om net iets meer dan 70 procent. De gemiddelde beladingsgraad kwam bij De Trip uit met 90 procent. De CO₂-reductie liep op van 40 procent bij Voorzetgebouw Paviljoen tot 87 procent bij het Noordgebouw. Bij De Trip zagen ze de arbeidsproductiviteit stijgen met 39 procent. In een studie naar negen proeftuinen, waaronder projecten die gebruik maakten van de Utrechtse BouwHub, benadrukt TNO factoren als voldoende schaalgrootte, goede ketensamenwerking en
transparantie over de logistieke kosten voor het welslagen van een BouwHub. Er zijn grote besparingen te behalen en VolkerWessels Bouwmaterieel zet dan ook in op verdere opschaling van hubs in Nederland.

Terug naar het overzicht